Waarvoor is een staat? De staat? Ja u kent het wel: dat ding waar mannen in maatpakken altijd moeilijk over doen. Want de staat is te groot! Het is tegelijkertijd het ding waar je ook allerlei van dat zelfde soort mannen-in-maatpakken vindt. Want het is te groot, maar het moet altijd Grootser. Als het begrip staat je niets zegt, gaat er wellicht bij overheid wel een belletje rinkelen. Kort gezegd, het stelsel aan instellingen dat er voor is om de zaken te  behartigen die voor ons allemaal nuttig zijn. Vervoer, zorg, onderwijs, veiligheid en kinderboerderijen.

Maar niet iedereen vindt de staat zelf algemeen nuttig. Door extreem-vrije-markt liberalen, mensen met veel eigen geld, wordt het namelijk altijd omschreven als ‘te groot’. Want om een staat die nuttige dingen doet te kunnen hebben, moet je belasting betalen. In het Pauw en Wittemdan verkiezingsdebat van 2 maart wijtte Marc Rutte – van de partij voor de mensen met veel eigen geld- de huidige crisis aan een te grote overheid. In plaats van aan de subprime leningen en de idiote derivaten die door de banken op basis daarvan waren geknutseld.

Subprime? Derivaten? Geen idee wat het precies zijn en veel bankiers wisten ook niet precies, maar ze deden alsof. Pas toen iemand riep dat ‘de keizer geen kleren aan had’ stortte het hele kapitale zooitje in elkaar. De onheilspreek van Balkenennde in februari 2009 deed daar nog een schepje bovenop.  En wij zitten nu met de ellende, kastanjes in het vuur én gebakken peren. Onze ‘te grote staat’  had toevallig wel voldoende geld uit te lenen om de slechte geld-leners een lening te verstrekken. Zodat zij weer wat konden uitlenen – aan mensen met veel eigen geld.

‘Grote staat slecht. Kleine staat goed.’ grommen de gereïncarneerde hersenloze markt-zombies, terwijl zij in drommen op die instituten afstrompelen. Hun onmisbare systeem-banken zijn inmiddels door de grote staat op het droge geholpen en zij kunnen verder met de afbraak van hun redders. Kan iemand met een spreekwoordelijk machinegeweer op het dak gaan staan en deze zombies spreekwoordelijk met een spreekwoordelijke kogelregen tegenhouden? Nogmaals, allemaal spreekwoordelijk natuurlijk,  maar toch, we hebben die Staat hard nodig en er is niet veel meer van over.

De zorgen over de staat zijn onterecht. Zolang we er voor zorgen dat de staat dienend werkt en dat de staat menselijke samenwerking mogelijk maakt. Dat betekent zoveel als het voorzien van mensen in zorg, onderwijs, vervoer, eerlijke verdeling van middelen, woonruimte, het behoud en de toegankelijkheid van kennis. De staat dwingt dit alles niet af met een knuppel en laarzen met stalen neuzen, maar voorziet naar behoefte – op basis van onderzoek en algemene instemming. Als we dat dan ook nog eens spaarzaam doen én regelmatig kritisch controleren – konden we als samenleving met de staat als hulpmiddel nog iets heel moois tot stand brengen en in stand houden.

Reageren op dit bericht

Je moet aangemeld zijn om een reactie te kunnen plaatsen.